Wat is sojalecithine?
Het is een stof die afkomstig is uit sojabonen. Het lijkt op een lichtgele poeder en heeft een bijna neutrale, zacht en nootachtige geur. Wat het uniek maakt, is dat het vetten en water kan verbinden, waardoor het in tal van producten wordt gebruikt om ingrediënten goed te mengen. Bovendien heeft het een unieke moleculaire structuur bestaande uit fosfolipiden: elk deel is samengesteld uit een gedeelte dat goed oplost in vet en een gedeelte dat goed oplost in water. Om deze reden kan het dus die twee stoffen (olie en water) toch samen houden. Door deze dubbele eigenschap speelt sojalecithine dus een belangrijke rol in veel voedingsmiddelen.
Fosfolipide:
- Fosfo ⮕ verwijst naar fosfaat, een stof die graag in water oplost.
- Lipide ⮕betekent vet of vetachtige stof, die juist niet in water oplost.
= bruggenbouwer tussen water & vet.
Wat is de functie van E322?
E322 als Emulgator - PRIMAIRE FUNCTIE
De primaire rol van sojalecithine is als emulgator te fungeren. Zoals eerder vermeld houdt dit dus in dat het helpt om water en vet goed te mengen. Gewoonlijk blijven die twee van elkaar gescheiden zoals je kan zien op de foto hieronder. Sojalecithine is dus een soort brugje tussen de twee. Denk bijvoorbeeld aan mayonaise: daarin zorgt sojalecithine ervoor dat de olie en azijn samen gehouden worden.
E322 ALS antioxidant
Sojalecithine werkt ook als een antioxidant. Wat wilt dit zeggen? Wel, het helpt om vetten te beschermen tegen bederf. In voedselproducten kunnen vetten na verloop van tijd gaan oxideren (= een soort reactie met zuurstof waardoor ze ranzig gaan ruiken). Lecithine vermindert dat proces door de vetten te beschermen tegen zuurstof. In de molecule van lecithine zitten bepaalde stoffen die de zuurstof opvangen. Lecithine werkt dus een beetje als een soort van beschermend schild dat tussen het vet en zuurstof staat.
- voorbeeld: ontbijtgranen met stukjes chocolade of nootjes. Door sojalecithine worden de vetten van de nootjes of chocolade beschermd. Als deze vetten oxideren kunnen de ontbijtgranen een vreemde geur krijgen. Door de antioxidante eigenschappen van lecithine blijven de vetten vers, knapperig en smakelijk, zelfs nadat de verpakking al een tijdje is geopend.
E322 ALS stabilisator
Als stabilisator gaat sojalecithine een stapje verder ⮕ het zorgt ervoor dat de ingrediënten langdurig samen blijven, zodat ze niet scheiden tijdens de opslag of transport. Even ter verduidelijking, als emulgator bevordert sojalecithine vooral het mengproces. Als stabilisator zorgt het ervoor dat het mengsel ook na dagen of weken consistent blijft.
- Een voorbeeld is margarine. Het bestaat uit een mengsel van water en vetten die van nature geneigd zijn om te scheiden. Zonder stabilisator zouden deze componenten tijdens opslag of gebruik uit elkaar gaan lopen. Het product zal waterig worden en het vet zou zich boven ophopen. Door lecithine blijft de margarine homogeen, smeuïg en dus goed smeerbaar.
E322 ALS TEXTUURVERBETERAAR
Sojalecithine wordt ook gebruikt als textuur-verbeteraar. De nadruk ligt hier op de ervaring van de mond (mondbeleving). Het onderscheid met stabilisatie is dat het de structuur verbetert, maar niet per se de ingrediënten bij elkaar houdt. Een product is hierdoor zachter, romiger, luchtiger of steviger.
- Voorbeeld: het helpt bij het voorkomen van ijskristallen, wat zorgt voor een romige textuur van het ijs in je mond, terwijl het in vegan gebak helpt dat het beslag luchtiger wordt en de cake minder zwaar aanvoelt. Om te verduidelijken: in een traditioneel gebak zorgen eieren voor de luchtigheid in het beslag. In vegan gebak ontbreken eieren, waardoor het beslag minder structuur en minder stabiliteit heeft om lucht vast te houden. Lecithine helpt de lucht vast te houden.
E322 als anti-klontermiddel
Een andere nuttige eigenschap van sojalecithine is dat het ook werkt als een anti-klontermiddel. Kortom, het voorkomt dat poederachtige ingrediënten aan elkaar plakken en klontjes creëren. Dit is vooral handig bij producten die van nature droog en fijn zijn, zoals cacaopoeder, bloem of suiker.
- Stel je voor dat je een warme chocolademelk bereidt. Zonder een antiklontermiddel zou het cacaopoeder in de melk snel samenklonteren tot harde brokjes. Lecithine maakt deze poederdeeltjes licht, waardoor ze gelijkmatig waardoor ze gelijkmatig door het melk verspreiden en mooi oplossen. Het eindproduct is een gladde chocolademelek zonder klontjes.
E322 ALS hulpmiddel bij verwerking
Het komt ook goed van toepassing voor tijdens het productieproces van een voedselproduct. Daarom is het ook niet direct zichtbaar in het eindproduct. Sojalecithine maakt het mengen, kneden of coaten van ingrediënten makkelijker. Bijvoorbeeld in kant-en-klaar cakebeslag of chocoladecoating glijdt het mengsel beter, blijft het homogeen en kleeft het minder aan bakvormen of machines.
Hoe gebeurd dat exact? De vetdeeltjes van de sojalecithine molecule hechten zich aan bijvoorbeeld de poederdeeltjes van cacaopoeder, waardoor ze glad worden en niet meer samenplakken.
E322 ALS verdikkingsmiddel
Sojalecithine kan producten ook iets dikker en voller te maken, zodat ze niet te vloeibaar of waterig zijn. Het geeft een aangename consistentie aan het product, zonder dat het te zwaar of plakkerig wordt. Dankzij sojalecithine worden de vet- en waterdeeltjes gelijkmatig verdeeld in het product en bewegen ze minder vrij, waardoor het product voller is.
Samenvatting ⬇
Hoe wordt E322 geproduceerd?
Oogst en schoonmaken
Sojabonen worden geoogst en vervolgens schoongemaakt van stof, steentjes en andere vervuilingen. Zo begint het proces met zuivere bonen!
Drogen
Na de oogst bevatten de bonen nog steeds een aanzienlijke hoeveelheid vocht (ongeveer 18-20%). Om ze optimaal te bewaren en te verwerken, worden ze gedroogd tot een vochtgehalte van ongeveer 10-12%. Dit verhinderd ook dat er schimmels ontstaan en zorgt ervoor dat de bonen later eenvoudiger breken en meer olie produceren. Vlak voor de olie extractie worden ze soms zelfs nog eens gedroogd om klonteren te voorkomen en de efficiëntie nog meer te verhogen.
Ontvellen (ENGELSE WOORD: DEHULLING)
Na het drogen worden de bonen ontveld. Waarom erna? Omdat het droogproces het vel steviger maakt, waardoor het makkelijker loskomt. De schil wordt verwijderd en de kern is nu beter toegankelijk voor de olie extractie. Daarbij: de velletjes worden niet weggegooid, maar hergebruikt als veevoeder of vulstof in andere toepassingen zoals bijvoorbeeld in menselijke voeding onder de noemer “plantaardige vezels”.
PLETTEN TOT VLOKKEN (ENGELSE WOORD: FLAKING)
De ontvelde bonen worden achteraf geplet tot dunne vlokjes, denk bijvoorbeeld aan havermoutvlokken. Het pletten zorgt ervoor dat de olie beter vrijkomt. Vergelijk het met hoe wij kruiden pletten om hun aroma’s vrij te laten. Hier wordt nog geen olie vrij gehaald, het is een voorbereidende stap.
CONDITIONEREN (VERWARMEN)
Voor de olie extractie worden deze vlokjes ook nog eens licht verhit, ongeveer tot 60-70 ˚C. Dat proces heet conditioneren omdat het de vlokken in de optimale conditie brengt voor de volgende stap. De extractie zal hierdoor sneller verlopen en de olie zal een meer vloeibare structuur hebben. Bepaalde enzymen worden hier ook gedeactiveerd zodat die de olie niet zouden kunnen aantasten.
OLIE EXTRACTIE
De olie komt uit de vlokjes. En de extractie kan op twee manieren gebeuren:
- De mechanische persmethode: de vlokken worden onder zeer hoge druk geperst waardoor er olie uit stroomt. De overgebleven vaste massa wordt ook wel perskoek genoemd waar ook nog een beetje olie in zit. Het voordeel van dit proces is dat er geen chemische oplosmiddelen worden gebruikt wat ideaal is voor biologische of koudgeperste olie. Het nadeel is dat het minder efficiënt is en er meer olie in de perskoek achter blijft. Om op grote schaal op deze wijze te produceren zal dit enorm duur en langzaam zijn.
- Solventextractie (hexaan): de vlokken worden in een extractor gegooid samen met een oplosmiddel zoals hexaan. Dit oplosmiddel lost de olie op en het gecreëerde mengsel wordt ook wel miscella genoemd, afkomstig van het Latijnse woord “miscere” wat mengen betekent. Vervolgens worden de vlokken ontvet en gescheiden. Bijna alle olie is eruit gehaald en het restproduct krijgt een andere doel. Het wordt getransformeerd naar sojameel of diervoeder. Het miscella mengsel wordt verwarmd en door de warmte verdampt de hexaan en blijft enkel de pure olie over. De hexaan wordt gebruikt in het extractie proces. Het voordeel van dit proces is dat het zeer efficiënt is aangezien bijna alle olie wordt gewonnen. Deze methode is wereldwijd de meest gebruikte methode omdat het ideaal is voor grootschalige productie. Het nadeel ervan is dat het een chemisch proces is. Veiligheid en zuivering zijn van groot belang.
ⓘ Hexaan = een stof die goed vetten oplost. Chemisch gezien is het een koolwaterstof. Het heet zo omdat het een keten van zes koolstofatomen is (hex = zes in het Grieks) met allemaal waterstof eraan vast (“aan”).
SCHOONMAKEN VAN SOJAOLIE EN VRIJMAKEN VAN DE LECITHINE (engelse woord: DEGUMMING)
Nadat de olie uit de sojabonen gehaald is, is deze nog niet volledig zuiver. Er zitten nog natuurlijke elementen in de olie, vooral fosfolipiden (de bouwstenen van lecithine). Dat zijn moleculen van vet die zich in water bewegen als kleine zeepdeeltjes. In de olie creëeren ze een plakkerige en stroperige laag, en daarom wordt het ook wel “gom” genoemd. Dit proces wordt ook wel het degumming-proces genoemd wat letterlijk betekent dat de gom eruit wordt gehaald.
- Hoe? De olie wordt gemengd met een beetje water of zuur. In de meeste gevallen gebruiken ze gewoon water en dat heet waterdegumming. Het water zorgt ervoor dat de fosfolipiden (de gom) gaan opzwellen en samenklonteren. De gom wordt vervolgens gemakkelijk verwijderd en wat overblijft is een heldere sojaolie. Waterdegumming is de standaard, maar bij hardnekkige resten wordt dus ook zuur gebruikt als een extra hulpje. Het zuur verandert sommige fosfolipiden die niet goed met water reageren, zodat ze toch loskomen van die olie (= acid degumming).
- De gom wordt gescheiden met behulp van een centrifuge. Een soort van supersnelle draaimachine. Ze draait de olie heel snel rond en hierdoor worden de zwaardere delen (de gom) naar de zijkant geduwd. De lichte heldere olie blijft in het midden.
ⓘ Het interessante is dat de gom die eruit wordt gehaald, in feite sojalecithine bevat!
Lecithine scheiden en drogen
De lecithine die overblijft is nog vrij vochtig en nat, wat niet geschikt is voor te bewaren. Om die goed houdbaar te maken, wordt ze voorzichtig gedroogd onder vacuüm. Dit betekent dat de lecithine wordt gedroogd in een een ruimte zonder of met heel weinig lucht. Doordat er weinig lucht is, kan water snel verdampen, zelfs bij een lage temperatuur (40-60˚C). Op deze manier droogt de lecithine goed, zonder dat ze verbrandt of haar kwaliteit verliest. Dit proces duurt meestal tussen 1-3 uur.
ZUIVEREN EN VERWERKEN VAN DE LECITHINE
De lecithine ziet er nog dik en stroperig uit. Een beetje zoals pindakaas of dikke honing. Dat is de ruwe of vloeibare sojalecithine. Het is nog niet helemaal klaar voor gebruik. Afhankelijk van het einddoel van de sojalecithine moet het nog gezuiverd en bewerkt worden.
- Vloeibare lecithine: de vloeibare pasta wordt gefilterd om olieresten en andere onzuiverheden te verwijderen. Met onzuiverheden wordt ook wel het volgende bedoeld: restjes van de sojabonen, waterresten, mineralen en zouten van tijdens het degumming-proces. Zo ontstaat er een gladde en homogene vloeistof die makkelijk te verwerken is. Deze variant wordt vaak meteen toegepast in producten zoals chocolade, margarine, sauzen of bakproducten, omdat het de producten romiger, luchtiger of stabieler maakt.
- Lecithine in poedervorm: fabrikanten verkiezen soms een droog poeder boven een stroperige pasta. Het gebeurt meestal in 2 stappen om van pasta poeder te maken. Stap 1: ontvetten. Alle resterende olie in de lecithine wordt verwijderd wat het makkelijk maakt om een droog poeder te krijgen. Stap 2: drogen tot poeder. Hier wordt al het water verwijderd, zodat er enkel een droog poeder overblijft. Dus eerst ontvetten en daarna drogen, samen zorgt dit ervoor dat de lecithine verandert in een poeder. De meest voorkomende manier om lecithine te drogen tot poedervorm is sproei- of luchtgedroogd drogen. Sproeidroger: De lecithine wordt in hele kleine druppeltjes verdeeld via een spuitmondje of draaiende schijf, alsof je een fijne nevel of mist van de pasta maakt. Deze druppeltjes komen in een hete lucht terecht, waardoor het water snel verdampt en er fijn, droog poeder overblijft. Bij de trommeldroger wordt de vloeibare pasta op een grote, draaiende en verwarmde trommel gesmeerd. Tijdens het draaien van de trommel verdampt het water en wordt achteraf het opgedroogde product eruit geschraapt. Het resultaat zijn droge vlokken of grove stukjes lecithine, de vervolgens verder kunnen worden bewerkt.
⮕ Deze variant is handig voor bakmixen, instant-producten en supplementen!
- Gemodificeerde lecithine: soms is gewone lecithine (zowel in poeder als pasta variant) nog niet volledig geschikt voor een specifiek product. Bijvoorbeeld: het moet beter oplossen, eenvoudiger mengen of romiger blijven. Om die reden wordt lecithine bewerkt met enzymen of alcoholen. Enzymen knippen de vetmoleculen lichtjes in stukken, waardoor de lecithine vloeiender of gemakkelijker te mengen wordt. Het wordt gebruikt bij de vloeibare lecithine variant. De moleculaire structuur wordt hier verandert. Alcoholen dragen bij aan de oplosbaarheid van lecithine in andere vloeistoffen, zoals waterige dranken. Het alcohol bindt zich aan de vetdelen en helpt deze los te maken van het mengsel. De alcohol verandert hier de omgeving van de vetten. De lecithine wordt dus een beetje aangepast zodat het beter werkt in bepaalde voedingsmiddelen. Het kan dus zowel bewerkt worden als pasta of poeder variant, afhankelijk van de toepassing. Alcohol wordt gebruikt om de pasta beter mengbaar en oplosbaar te maken. Bij de poeder variant helpt alcohol de lecithine nog droger en homogener te maken. Het zijn twee verschillende manieren met een zelfde doel.
In welke producten zitten sojalecithinen?
Sojalecithine is aanwezig in tal van voedselproducten. Het is vooral aanwezig in chocolade, koekjes, gebak, ijs en margarine. Je kunt het ook vinden in sauzen, dressings, plantaardige zuivelproducten en bepaalde instant-producten of voedingssupplementen. Samengevat bevindt het zich voornamelijk in producten die romig, glad of luchtig moeten blijven.













Een korte geschiedenis
de ontdekking in een eierdooier
Lecithine heeft zijn oorsprong in 1846, het jaar waarin de Franse chemicus Théodore Gobley een opmerkelijke ontdekking maakte. Hij bestudeerde eierdooiers en ontdekte een vetachtige stof die een andere werking vertoonde dan gewone vetten. Hij gaf het de naam “lécithine”, afgeleid van het Griekse woord “lekithos”, wat letterlijk “eierdooier” betekent. Gobley kwam later erachter dat dezelfde stof eveneens aanwezig is in bloed, hersenen en lever. Hierdoor werd lecithine één van de eerste stoffen waarvan men begreep dat ze zowel in voedsel als in het lichaam aanwezig is. Hoe ontdekte Gobley eigenlijk dat het ook ins ons lichaam zat? Hij vroeg zich simpelweg af: “Als deze stof zo essentieel is voor een ei, het begin van een nieuw leven, zou ze dan ook niet in het menselijk lichaam aanwezig zijn?” Die vraag inspireerde hem om weefselmonsters van dieren en later ook mensen te analyseren. Lecithine is dus niet enkel een voedselstof maar ook een natuurlijke bouwsteen van het leven zelf.
De overgang van het labo naar onze voeding
Na de ontdekking van Gobley in de 19e eeuw bleef lecithine lange tijd voornamelijk een wetenschappelijke curiositeit. Chemici waren zich ervan bewust dat het een essentieel onderdeel van cellen was, maar ze hadden nog geen praktisch nut ontdekt. Begin 20e eeuw veranderde dit, toen onderzoekers ontdekten dat lecithine een bijzondere eigenschap bezat: het kon water en vet samensmelten. Dat was revolutionair, aangezien dit precies is wat vaak fout ging in de keuken en in de fabriek, het feit dat vetten en vloeistoffen zich makkelijk scheiden.
De eerste industriële stappen
Rond 1910-1920 begonnen Duitse en Amerikaanse wetenschappers te experimenteren met plantaardige bronnen van lecithine, zoals sojabonen. Ze ontdekten dat het bijproduct van soja-olie (de gom) heel rijk was aan lecithine. Het was een soort van gouden vondst. Sojabonen waren heel goedkoop en in zeer grote hoeveelheden beschikbaar. Daarbij had de lecithine uit soja bijna dezelfde eigenschappen als die uit eieren. Het was ook zeer makkelijk te verkrijgen tijdens het persen van soja-olie.
VAN AFVAL TOT WAARDEVOL PRODUCT
In het begin van de 20e eeuw begon men soja te persen voor de productie van soja-olie. Tijdens deze productie bleef er een kleverige, gomachtige laag achter in de machines en die laag werd aanvankelijk beschouwd als afval. Vanaf de ontdekking dat dit afval veel lecithine bevatte transformeerde dit de hele industrie. De eerste commerciële productie van lecithine was in Duitsland, waar chemici van bedrijven zoals Nattermann & Cie (Keulen) en later Soja GmbH begonnen met het extraheren van sojalecithine uit dit gommig bijproduct. Kort daarna kwamen Amerikaanse bedrijven, waaronder Central Soya Company (opgericht in 1934 in Indiana), die de productie op grote schaal verder ontwikkelden.
De doorbraak in de voedingsindustrie
In de jaren 1930 – 1940 ging het niet meer om onderzoek maar om toepassing. De industrie begon lecithine praktisch te gebruiken in voedingsmiddelen. Een echte game changer. Wanneer ze lecithine aan hun recepten toevoegden, werden de producten gladder, stabieler en langer houdbaar. Dat was precies wat de industrie toen zocht. Toen de voedselindustrie in de tweede helft van de 20e eeuw sterk begon te groeien, werd lecithine al snel een standaard ingrediënt. Het verhoogde niet alleen de kwaliteit van producten, maar maakte ook massaproductie makkelijker en consistenter. Zo vond lecithine zijn vaste plek in de moderne keuken als de fabrieken.
LECITHINE VANDAAG
Vandaag de dag wordt lecithine niet alleen toegepast in voeding, maar ook in:
- cosmetica: om crèmes romiger te maken.
- medicijnen: om vetoplosbare stoffen beter op te nemen.
- babyvoeding: omdat het van nature in moedermelk voorkomt.
In iets meer dan 100 jaar transformeerde lecithine dus van een natuurkundige ontdekking naar een wereldwijd ingredient. Een combinatie van wetenschap, vernieuwing en praktische voordelen.
Veilig of verdacht?
JECFA : DE INTERNATIONALE SCHEIDSRECHTER
De Joint FAO/WHO Expert Committee on Food Additives was één van de eerste die zich bezighield met het onderzoeken van lecithine. Halverwege 20e eeuw kwamen zij al tot de conclusie dat lecithine veilig is bij normale hoeveelheden. Waarom? Omdat het van nature ook in ons lichaam en in eieren voorkomt.
OP EUROPEES NIVEAU: EFSA
In Europa voert de EFSA (European Food Safety Authority) toezicht op additieven. Zij evalueren om de zoveel tijd alle voedseladditieven, waaronder ook sojalecithine (E322). In 2017 vond de meest recentste herziening plaats waarin ze opnieuw tot de conclusie kwamen dat er geen veiligheidsrisico bestaat voor de bevolking, ook niet voor baby’s.
In de verenigde staten: food and drug administration (FDA)
In de Verenigde Staten ontving lecithine de status van GRAS, wat staat voor “Generally Recognized As Safe”. Dit houdt in dat deskundigen dit als veilig zien, gebaseerd op jarenlang onderzoek en dagelijkse praktische ervaringen zonder problemen.
De drie stukjes van lecithine en waarom choline belangrijk is
Ons lichaam maakt zelf lecithine aan in de lever. Je kunt de lever zien als een kleine fabriek die bouwstenen uit voeding en bloed zoals choline, vetten en fosfaat omzet in fosfatidylcholine, de voornaamste vorm van lecithine.
Opbouw van fosfatidylcholine:
Fosfa- betekent fosfaatgroep: helpt energie opslaan en houdt celwanden stevig.
-tidyl betekent vetdeel: zorgt dat het molecuul zowel in water als in vet kan werken.
-choline is de hersen- en leverhulpstof: zonder choline kan de lever bijna geen lecithine maken.
Fosfatidylcholine speelt een grote rol in ons lichaam. Het vormt een belangrijk onderdeel van celmembranen, ondersteunt het vettransport via het bloed en helpt bij de aanmaak van boodschapperstoffen in de hersenen. Als alle bouwstenen voldoende aanwezig zijn, werkt dit systeem perfect. Bij tekorten neemt de productie van lecithine in de lever af. Als je te weinig choline binnenkrijgt, probeert de lever het zelf op te lossen door andere vetten te gebruiken. Maar dat werkt niet goed. Je lichaam heeft echt choline uit eten nodig. Choline zit vooral in eieren, vis en vlees. Als je dat genoeg eet, kan je lever goed lecithine maken en blijven je cellen en hersenen gezond.
Lecithine: lichaamseigen of plantaardig?
De lecithine die ons lichaam zelf aanmaakt is precies afgestemd op onze cellen. De verhouding van vetzuren, zoals omega-3 en omega-6, en de andere bouwstoffen sluiten perfect aan bij de behoeften van onze hersenen en lever. Plantaardige lecithine, zoals die uit soja, is anders opgebouwd. Ze bevat vooral omega-6 en minder omega-3, waardoor ze niet precies hetzelfde werkt in het lichaam. Hoewel ze handig is in voeding, bijvoorbeeld om vet en water te mengen, vervangt ze de natuurlijke lecithine uit het lichaam of uit dierlijke producten niet. Daarom is het belangrijk om voldoende voeding te eten die choline levert, zodat de lever optimaal lecithine kan produceren en onze cellen en hersenen goed functioneren.
HEXAAN ALS OPLOSMIDDEL
Bij het produceren van sojalecithine wordt vaak hexaan toegepast als oplosmiddel om de olie uit de sojabonen te extraheren. Hexaan is een zeer vluchtige en brandbare chemische verbinding. Dit houdt in dat het niet alleen sporen kan achterlaten in het eindproduct van de consument, maar ook een risico voor de veiligheid in de fabrieken met zich meebrengt. In ruimtes zonder ventilatie kunnen hexaan-dampen zich ophopen en door een vonk of statische elektriciteit explosies en branden veroorzaken, wat bij diverse fabrieken is voorgevallen. Daarbij, ook voor werknemers kan blootstelling aan hexaan schadelijk zijn.
Bij de productie wordt het merendeel van het hexaan verwijderd, maar er kunnen kleine hoeveelheden in ons voedsel achterblijven. Autoriteiten zeggen dat deze restjes veilig zouden zijn, maar er is zelfs geen officieel maximum vastgesteld voor hoeveel hexaan er in voedingsmiddelen mag zitten. Kleine studies wijzen erop dat zelfs dergelijke sporen wellicht gezondheidsrisico’s kunnen met zich meebrengen, zoals invloeden op de lever, hersenen of hormonen. Blijkt wel dat in 2024 EFSA meegedeeld heeft dat de veiligheid van hexaan in levensmiddelen opnieuw beoordeeld moet worden! We zijn jaren later, en nog steeds geen herbeoordeling.
ARTIKELS ROND HEXAAN ASL PROBLEMATIEK




gebruik van GMO-soja
Een groot deel van de wereldwijde sojaproductie is genetisch gemodificeerd. Dit houdt in dat de planten zijn aangepast om beter te groeien, resistent tegen ziektes te zijn of pesticiden te verdragen. Vandaag de dag maken veel mensen zich zorgen over de mogelijke gevolgen voor hun gezondheid en het milieu. Daarnaast kan het soms moeilijk zijn om te achterhalen of een product vrij is van GMO’s, omdat de etiketten niet altijd helder zijn. Voor degenen die GMO-vrij willen consumeren, is het aan te raden om te kiezen voor producten met een biologisch of non-GMO label.
EFFECT OP SPIJSVERTERING
Wanneer lecithine in je darmen terechtkomt, helpt het bij het oplossen van vetten, waardoor je lichaam ze gemakkelijker kan opnemen. Bij een grote hoeveelheid zal het spijsverteringssysteem echter wat meer werk moeten doen. In de dikke darm kunnen vetten die nog niet volledig zijn afgebroken, door bacteriën in de darm worden gefermenteerd. Dit fermentatieproces resulteert in gassen zoals kooldioxide, methaan en waterstof, wat je al snel kunt opmerken. Je buik kan beginnen te rommelen, je kunt je opgeblazen voelen en er kan winderigheid optreden. Het lijkt op een interne mini-laboratoriumreactie: je bacteriën zijn druk bezig met het verwerken van de overtollige vetten en geven daar duidelijk signalen van. Bovendien zorgt plantaardige lecithine ervoor dat vetten in je darmen sneller verteren. Dat betekent dat een deel van die vetten sneller in de dikke darm terechtkomt, wat bij veel gebruik dus kan zorgen voor winderigheid. Dierlijke lecithine is steviger en verwerkt vetten wat langzamer. Daardoor merk je meestal minder buikklachten bij dezelfde hoeveelheid.
🔍 Extra weetjes over lecithine
- Vroeger werd lecithine gebruikt als medicijn uit eieren. In de 19e eeuw gaven artsen lecithine uit eierdooiers aan mensen met leverproblemen, nog voordat ze begrepen hoe het functioneerde.
- Brain booster in letterlijke zin. Gobley ontdekte het in de hersenen, maar pas tientallen jaren later werd duidelijk dat het hielp bij geheugen en zenuwsignalen.
- Een afval dat miljoenen waard werd. Aanvankelijk als bijproduct weggegooid en vandaag is het een industrie die miljarden waard is is.
- Chocoladegeheim uit WOII: soldaten kregen chocolade met lecithine omdat dit het vet stabiel hield onder ruwe omstandigheden.
- Ons lichaam maakt zelf lecithine in de lever, en meestal is dat genoeg. Maar als je ongezond eet of te weinig voedingsstoffen binnenkrijgt, kan die productie dalen. Voeding kan helpen om dit te kort aan te vullen. Het lichaam produceert deze lecithine door middel van choline, een bepaalde voedingsstof. Het is dus aangeraden om voldoende binnen te krijgen, deze zit in producten zoals eieren, vlees en vis.
